Liefde voor motoren

De liefde voor motoren begon bij een vriend van de basisschool.

Hij had een crossmotortje Yamaha PW 50 en hij vroeg of ik ook wilde rijden, ik wilde zo graag, maar ik durfde nog niet en toen op een dag mijn zus bij ons in de straat een crossmotortje te koop zag staan, was ik en op een gegeven moment die crossmotor verkocht.

Ik zo trots en blij als ik was ging achter met diezelfde vriend, mijn zus en mijn neef rijden.

Toen ik 12 was kreeg ik nadat ik 5 weken in het ziekenhuis had gelegen vanwege een zware knie ontsteking als grote troost een Kawasaki 80 cc en ik was helemaal door het dolle zo blij.

1 jaar later ging ik met een vriend wedstrijden crossen die ook een 80 cc crossmotor had en we hadden een geweldige tijd!

Toen kwam de brommer tijd en ik had de puch maxi van mijn zus overgenomen, die zo goed als gaar was, maar mijn neef die 4 jaar ouder is als ik kon hem op knappen en we legde er maar gelijk een 70 cc blok op.En toen zag ik in de snuffel krant pas een echte brommer, een Honda Mbx 80 cc en mijn neef had weer het idee om er iets sneller op te leggen en we legden er een 125 cc op.Je snapt wel dat ik me net Valentino Rossi voelde en geen een brommer kon me bij houden, want het was eigenlijk geen brommer meer☺

Op mijn 24e ging ik bij Ledrie sales werken waarvan de mijn helaas overleden oom,Gerrit Kuis de eigenaar was. Dit was een groothandel in motor accessoires, en waar ze zelf motor tassen produceerde die in europa een grote naam had en waarvan de tassen heel gewild waren!

Hij leerde een paar jongens uit de achterhoek kennen die bij tubex werkten, de producent van de motor accessoires en hij vroeg ze of ze interesse hadden om voor hem te komen werken en accessoires en uitlaten te gaan maken voor chopper motoren.

Hij vroeg me om er ook te komen werken en toen we samen het idee kregen om ons meer te gaan richten op sport motoren, verzonnen we de naam Superpole (vanwege de world super bikes).

Dennis Kuis.